Bij Sinterklaas hoort snoepgoed, veel snoepgoed: marsepein, pepernoten, kruidnoten, speculaas, chocoladegeld, chocoladeletters en taaitaai. Mmmm! Misschien kun je waar jij woont helemaal geen typisch Sinterklaassnoep krijgen. Gelukkig kan je zelf ook iets lekkers maken. Dat is nog leuker ook, want thuis kun je de beslagkom uitlikken! (Natuurlijk wel eerst even met je ouders overleggen voordat je gaat bakken.)
Je kunt je haast geen Sinterklaas voorstellen zonder pepernoten. Met dit recept kun je ze zelf bakken!
Ingrediënten
125 gram bloem
125 gram zelfrijzend bakmeel
100 gram boter
90 gram bruine basterdsuiker
2 eetlepels water
1 mespuntje zout
1 eierdooier
1 theelepel speculaaskruiden
1/2 theelepel kaneel
1 mespuntje gemalen anijszaad
Bereiding
Doe alle ingrediënten bij elkaar in een kom en kneed het tot een soepele bal deeg. Laat deze superpepernoot een uur op een koele plaats rusten, bijvoorbeeld in de koelkast. Verwarm de oven voor op 175°C/350°F graden of gasstand 2-3.
Smeer een bakplaat in met boter. Draai van de helft van je grote bal deeg allemaal kleine balletjes (ongeveer zo groot als een knikker). Leg de kleine balletjes op gelijke afstand op de bakplaat. De helft van de bol is ongeveer genoeg om 1 bakplaat vol pepernoten te maken. Druk ieder balletje met je duim een beetje plat.
Plaats de bakplaat met pepernoten in het midden van de oven. Laat deze er ongeveer 20 minuten inzitten. (Je kunt ondertussen alvast beginnen aan de volgende portie.) De pepernoten zijn gaar als ze goudbruin van kleur zijn. Als je de pepernoten uit de oven haalt, kun je ze niet meteen opeten, want ze zijn gloeiendheet en nog zacht. Laat ze goed afkoelen en dan is het smullen geblazen.

Speciaal voor alle lekkerbekken een recept om zelf deze koekjes te maken.
Ingrediënten
400 gram bloem
2,5 theelepel bakpoeder (of neemt zelfrijzend bakmeel)
3 theelepels speculaaskruiden
snufje zout
220 gram boter
250 gram donkerbruine basterdsuiker
(beetje water)
eventueel amandelsnippers voor de versiering
Bereiding
Schud eerst boven een beslagkom de bloem door een zeef, zodat alle klontjes eruit zijn. Meng dan het bakpoeder, de kruiden en het zout erdoor. Vervolgens voeg je de suiker en de koude boter toe. Kneed het met je handen tot een soepele bal deeg. Als dat niet lukt, voorzichtig een of twee eetlepels water toevoegen. Laat het deeg een paar uur, of nog beter een hele nacht, buiten de koelkast staan zodat de smaak van de kruiden er goed intrekt.
Verwarm ondertussen de oven voor op 160°C/325°F graden of gasstand 2. Smeer een bakplaat voorzichtig in met boter. Strooi een beetje bloem over het aanrecht. Rol dan op het aanrecht het deeg met een deegroller heel dun uit. Snijd met een mes koekjes van het deeg. Je kunt daar ook een vormpje voor gebruiken. Leg de koekjes op de bakplaat en zorg dat ze ruim uit elkaar liggen. (Je kunt van het deeg ongeveer drie bakplaten vol koekjes maken!) Als je het lekker vindt, kun je nog amandelsnippers over de koekjes strooien. Bak de speculaasjes ongeveer een half uur in het midden van de oven. De koekjes moeten daarna nog zeker tien minuten afkoelen voor je ze van de bakplaat kunt halen. Zo blijven de koekjes beter in vorm en verbrand je je handen niet!

Voor sommige Sinterklaasrecepten heb je speculaaskruiden nodig. In Nederland kun je die in de winkel in een zakje kopen. In het buitenland niet. Maar geen zorgen! Koop de losse kruiden en maak zelf een mengsel. De kruiden kun je in de meeste landen los wel kopen, in de winkel of op een markt.
Meng
15 gram gemalen kaneel
2 gram gemalen kruidnagel
2 gram gemalen nootmuskaat
1 gram gemalen witte peper
1 gram gemberpoeder
½ gram gemalen kardemom
Dit is ongeveer één theelepel speculaaskruiden.
|
|
|
|
|
|
|
|
Ook borstplaat hoort bij het Sinterklaasfeest. Dit snoep is bijna helemaal gemaakt van suiker met een beetje smaakstof zoals cacao of vanille. Deze roomborstplaat is lekker zacht en mierzoet.
Ingrediënten
1 flesje koffieroom, slagroom of gecondenseerde melk van ongeveer 180 ml.
500 gram (witte basterd)suiker
30 gram boter
smaakjes zoals bijvoorbeeld rozenwater / rozenessence, amandelessence, cacao, oploskoffie of vanille
steekvormpjes
vetvrij papier
extra boter de bakplaat om in te vetten
een puntige, metalen eetlepel
Bereiden
Leg het vetvrije papier op een platte ondergrond. Vet het papier in met boter. Vet ook de vormpjes in en leg ze op het papier. Pak een steelpannetje met dikke bodem. Giet een derde van de koffieroom, de suiker en de boter in de pan. Doe er een smaakje bij, zoals een paar druppels essence, een theelepel rozenwater of een eetlepel cacao of oploskoffie. Laat het smelten terwijl je blijft roeren. Het mag niet aanbranden.
Als het mengsel (suikerstroop) begint te koken, haal je het pannetje even van het vuur. Laat het eventjes rusten. Druppel dan af en toe een lepel vol suikerstroop in het pannetje. Het is klaar als de laatste druppel even aan de punt van de lepel blijft hangen.
Giet het mengsel in één grote of een paar kleine vormpjes. Was de pan en lepel daarna meteen af met heet water, anders gaat het er bijna niet meer af.
Begin weer van voren af aan, maar nu met een ander smaakje.
Laat de borstplaat twee uur lang goed afkoelen en til dan pas heel voorzichtig de vormpjes op.
(Cacaoborstplaat blijft vaak zacht van binnen. Koffieborstplaat wordt soms zelfs helemaal niet hard. Als je geen vormpjes hebt kun je de suikerstroop ook op een ingevet bord uitgieten. Het resultaat is dan minder mooi, maar het smaakt net zo lekker.)




















